Home > Nieuws > Jacobine Geel neemt het plan van aanpak van de arbeidsmarktregio Midden-Utrecht in ontvangst

Jacobine Geel neemt het plan van aanpak van de arbeidsmarktregio Midden-Utrecht in ontvangst

28 juni 2018

‘Houd de aandacht voor mensen met psychische kwetsbaarheid vast’

Jacobine Geel, voorzitter van GGZ Nederland, nam afgelopen week het plan van aanpak met de veelzeggende titel ‘Werk Herstelt’ in ontvangst. In de regio Midden-Utrecht werken GGZ-instellingen, gemeenten en UWV samen om mensen met een ernstige psychische aandoening aan betaald werk te helpen.

Tekst: Jessica Maas

De voorzitter van GGZ Nederland wéét hoe belangrijk werk is, juist als herstel. Juist als onderdeel van een behandeling of begeleiding van mensen met een psychische aandoening. ‘Dat besef is de afgelopen jaren in het land zeker gaan vliegen’, stelt Jacobine Geel bij aanvang van de bijeenkomst in Zeist. De voorzitter van GGZ Nederland schuift aan bij het overleg van de leergroep Midden-Utrecht. Ze wijst op het landelijke 14TUconvenantU14T dat eind mei in Den Bosch door onder meer GGZ, UWV en andere partners werd ondertekend om meer mensen met een psychische kwetsbaarheid aan een baan te helpen. Hoopvolle afspraken.

‘Er gebeurt ontzettend veel in het land’

De afgelopen jaren waarin GGZ-instellingen en UWV elkaar steeds beter weten te vinden en de laatste twee jaar is er ook steeds meer ‘ingezoemd’ op de regio. ‘Er gebeurt ontzettend veel in het land. Met veel energie. Daarom is het goed dat elke regio een eigen ambassadeur heeft, die gevoed wordt met goede voorbeelden en die eventuele knelpunten op landelijke tafels neerlegt.’
Jacobine Geel (links) krijgt het plan van aanpak ‘Werk Herstelt’ van Menno van Piggelen.
Volgens Geel is ook de belangstelling vanuit Den Haag groot. ‘Ook staatsecretaris Paul Blokhuis en zijn collega Tamara van Ark stralen uit dat ze hier echt wat mee willen. Dat moeten we warm houden.’ En daarom is ze, ook als ambassadeur van het samenwerkingsverband Midden-Utrecht, vandaag in Zeist. Om te horen wat goed gaat en wat niet.
In Midden-Utrecht werken de verschillende partners samen rondom mensen met een ernstige psychische aandoening die wel betaald willen werken. Met onder andere de erkende methodiek Individuele Plaatsing en Steun (IPS) worden ze aan betaald werk geholpen. De partijen werken samen met als doel de onderlinge samenwerking een impuls te geven, het netwerk te versterken en de slag naar betaald werk te maken, verduidelijkt projectleider Cris Bergmans.

Match

De aanpak heeft het economische tijd mee. Aan vacatures en interesse van werkgevers is op dit moment geen gebrek, stelt Menno van Piggelen van WIJ3.0. ‘Het gaat nu om dé juiste match. Werkgevers moeten ook weten waar ze aan beginnen, IPS vraagt wel om een duidelijke inspanning van de werknemer.’ Ook de belangstelling voor de IPS-trajecten groeit, weet zijn collega Colette van Duin. ‘We hebben nu zo’n 100 mensen in traject en wekelijks melden zich twee tot drie mensen aan.’
Belangrijk punt blijft volgens de aanwezigen aan tafel de financiering. ‘Belangrijk is dat we gemeenten zover krijgen om in deze mensen te investeren. Ik hoor vaak terug dat het erg dure trajecten zijn’, stelt Van Piggelen, bij de overhandiging van het plan van aanpak aan Jacobine van Geel. Hij pleit ervoor om de wmo- en participatiemiddelen te combineren. ‘Het is een feit dat de middelen voor participatie op de afdeling Werk & Inkomen beperkt zijn. Deze afdelingen zijn ook vooral gericht om mensen volledig uit de uitkering te krijgen. Het is goed om helder op een rijtje te zetten wat een IPS-traject nu daadwerkelijk bespaart. Niet alleen aan uitkeringskosten, maar aan zorgkosten.’
Van Piggelen benadrukt dat de motivatie van de mensen met een psychische kwetsbaarheid om aan het werk te gaan groot is. ‘Ik ben erg blij me de aandacht die er nu voor deze groep is en ik hoop dat wie die aandacht kunnen vasthouden.’

Minder kansrijk

Johanneke Peeters van de Regionale Sociale Dienst Krommerijn Heuvelrug, die met meerdere gemeenten te maken heeft, voegt toe dat de doelgroep van de sociale dienst steeds groter wordt. ’We komen bij steeds minder kansrijke groepen terecht, we realiseren ons dat die begeleiding van deze groep steeds intensiever wordt, maar daar zijn wel middelen voor nodig.’ Ook projectleider Bergmans stelt dat er nu veel ‘gesprokkeld’ moet worden uit de verschillende potjes. ‘Het is goed om de kosten en baten inzichtelijk te maken.’
Het zijn aanbevelingen die ambassadeur Geel graag meeneemt. ‘Juist dit soort zaken moeten ook landelijk besproken worden.’
Martin Bluijs, beleidsmedewerker WMO van de gemeente Utrecht vertelt vervolgens kort over ‘Aan de Slag in Utrecht’ (14TADSU14T) waar sinds 2007 allerlei zorgpartijen elkaar weten te vinden rondom activering. ‘In het begin ging dat over twee dagdelen dagbesteding in de week, dat was toentertijd al revolutionair. Dat is later vijf dagdelen geworden en nu maken we de omslag naar betaald werk.’
De transitie in 2015 van Wmo, jeugdwet en Participatiewet heeft het proces versneld. Inmiddels werken 17 partijen onder het motto ‘Werk is de beste zorg’ samen. ‘We hebben net het vierde convenant ondertekend. De samenwerking wordt steeds concreter, we pakken samen ook experimenten op. We hebben elkaar echt leren kennen en vertrouwen.’
Ambassadeur Geel vindt de Utrechtse samenwerking een mooi voorbeeld voor andere regio’s. Over een half jaar sluit ze opnieuw aan bij de leergroep Midden-Utrecht. “Jullie weten me tussendoor te vinden, zet me in en schroom niet.’
—————————————

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

94 − 88 =